Twan van Hoof

artikel afbeelding

Functie: artdirector
In dienst sinds: september 2002






Twan, stel je even voor...
Mijn naam is Twan van Hoof, art-director en 6 jaar in dienst bij david.

En daarvoor.
Ik kom uit een creatief gezin. Mijn vader was etaleur. Het piepende geluid van zijn viltstiften als hij 's avonds zat te schetsen zal ik nooit vergeten. En die geur van de stiften. Ik kan gerust zeggen dat creativiteit mij met de paplepel is ingegoten. Alles bij ons in huis was reclame. Die oude reclameborden bijvoorbeeld, die hingen overal. Logisch dat ik na de lagere school graag naar het Grafisch Lyceum in Eindhoven wilde gaan, maar mijn ouders vonden me te jong daarvoor. In plaats daarvan heb ik eerst vier jaar op de LEAO gezeten. Bovendien was ik in die tijd fanatiek bezig met fietscross en stond alles nog in het teken van sport.  

Maar daarna...
Daarna ben ik alsnog naar het Grafisch Lyceum gegaan en ben ik als werktekenaar in de reclamewereld terechtgekomen. Daar was ik de dtp'er die ze vroegen om te gaan ontwerpen, zo ben ik eigenlijk stap voor stap gegroeid. Via een aantal bureaus ben ik uiteindelijk bij david terechtgekomen en gebleven. Eigenlijk was het een zoektocht naar het ontdekken van wat ik nou precies wilde. En bij david heb ik dat mooi zelf gestalte kunnen geven.

En wat is dat precies?
Merken maken. Het visueel omvormen van de wens van de klant naar een goed werkend eindresultaat. En zorgen dat het visueel doet wat het moet doen, wat er van verwacht wordt. Bovendien denk ik dat ik ook op het gebied van doelgroepen en logica ook nog een en ander kan toevoegen aan het eindresultaat.

En de essentie ervan is...
Dan toch het beeldend maken van een goed concept. Alles willen weten en dit vertalen naar een goed eindproduct. En door alles te willen weten, ontdek je ook hoe het niet moet. Sinds we david heten hebben we gesleuteld aan onze manier van werken en dat geeft mij in de ontwikkeling van ideeën meer houvast, meer grip om tot een nog beter eindresultaat te komen.

Overlapt dat met wat je doet in je vrije tijd?
Ja absoluut maar dan meer op een gevoelsniveau. Of iets logisch in elkaar zit bijvoorbeeld en of het ‘werkt'. Dat is een onderbuikgevoel. Op welke manier iemand van een bedrijf een telefoontje beantwoordt of hoe een verkoper past in het totaalplaatje van de winkel waarin hij werkt. Vormtaal en gedrag moeten kloppen. En zaken die kloppen trekken mij aan. En dat hoeft niet eens zozeer op het gebied van vormgeving te zijn.

Een andere vraag nu: wat is jouw favoriete ruimte in het pand?
De kantine. Of beter gezegd het samen brainstormen in de kantine: een mooie ruimte met veel licht.

Waar word jij niet blij van?
Tja. (Lange stilte). Als mensen langs elkaar communiceren. Als ik dat merk grijp ik direct in en roep ik de betrokkenen even bij elkaar om eventuele problemen glad te strijken. Bij david gaat intern communiceren overigens prima, maar ik heb voor bureaus gewerkt waar het echt te erg voor woorden was.

En waar wel van?
Van lachen. Als je lacht word je vanzelf blij. En van relativeren word ik blij, van scherpzinnigheid en spitsvondigheid: dat is misschien nog belangrijker. En dat kan in de vorm van een woord zijn of een opmerking.

Wat is volgens jou de kracht van david?
De gezamenlijke energie van iedereen die er werkt. Dus niet zozeer het individuele talent maar de gebundelde energie. Ik zie het als een frequentie, een plek waar we willen zijn. De mensen bij david gaan naar waar ze willen zijn. Die frequentie wordt steeds meer gelijk voor iedereen.

Typisch Twan?
Turbulentie en wisselende stemmingen.

Jij bent een gevoelsmens.
Zeker weten.

Waar ben je trots op bij david?
Dat ik aan david mee mag doen, dat ik erbij mag zijn.

Heb je een achternaam voor david?
Van Oranje Nassau. Ik hoef niet uit te leggen waarom, toch?

Voor deze keer dan. Laatste vraag. Waar staat david over 5 jaar?
Over 5 jaar zijn we nog meer bedreven in wat we doen. Ik wil niet speculeren over waar we dan zitten maar we zullen beter zijn en met nieuwe mensen. En misschien groter. Hoe groot weet ik niet maar we doen in elk geval mee. De stap naar een hoger niveau is volgens mij niet zo groot als we denken. Daarom vind ik dat we best een grotere broek mogen aantrekken, ze past namelijk prima.  


blokje  terug naar het blog
blokje  alle interviews